vrijdag 13 januari 2017

Meer aandacht voor motivatie in het Voortgezet Onderwijs

 Het voortgezet onderwijs kent helaas nog steeds te veel drop-outs. Het programma Dreamschool (momenteel een serie van drie afleveringen op NPO3, woensdagavond) laat overtuigend zien dat elke voortijdig schoolverlater een individu is met onbenutte vermogens, kwetsbaarheden en een dikwijls tragisch verhaal van een zwak thuisfront. De oprichtster, bokskampioene en zelf voortijdig schoolverlater, Lucia Rijker, stelt: zie de potentie van elke leerling. Helaas slaagt het voortgezet onderwijs daar blijkbaar onvoldoende in.
Wat het programma ook laat zien is dat leerlingen moeilijk in beweging te krijgen zijn. Deze drop-outs krijgen uitgekiend lesprogramma voorgeschoteld, van bekende Nederlanders zelfs, maar hangen toch al snel weer ongeïnteresseerd achterover.

Het VO gaat mij aan het hart, omdat ik de leeftijd van 12-18 cruciaal acht voor een vervullend mensenleven. Als ergens in die jaren geen innerlijk vuurtje gaat branden, kunnen mensen een leven lang dolen tussen diverse beroepen, zonder dat er richting in zit. Ik zie de taak van het VO dan ook als het aansteken van vuurtjes, waarbij de leerling zelf de brandstof al in zich heeft. Een leerkracht is primair een vuurtjesaansteker, in tweede instantie gaat het om kennis overbrengen. Zonder brandend vuurtje, slaat de kennis niet aan.

De potentie zien van elke leerling vind ik uitermate belangrijk, maar daarnaast is er veel meer aandacht nodig voor de vraag: wat motiveert een leerling? In de tijd dat ik in het VO zat, deed deze vraag er niet toe, in de tijd dat ik lesgaf in het VO deed deze vraag er te weinig toe (waardoor ik er ook weer uit ben gestapt) en nu ik Dreamschool zie besef ik weer dat dit de sleutel is. Wat zet jongeren in beweging? Waaruit putten ze de nodige energie om welk doel te bereiken?

Aan motivatie gaat iets vooraf: inspiratie, ergens in geloven. Plus dat bij motivatie gerichtheid op een doel nodig is: iets willen bereiken. Inspiratie, motivatie, vooruitgang, doel. Motivatie staat niet op zichzelf.

Het probleem in het VO is dat volwassenen verwachten van leerlingen dat ze gemotiveerd zijn, terwijl aan de basis de inspiratie (het geloof) al ontbreekt en het doel, dat diploma, voor veel leerlingen een nietszeggende abstractie is. Dus zijn jongeren, die mooie jongeren met hun ongelofelijke potentie, heel goed in niets doen. Een stelling van mij is: jongeren kunnen bergen verzetten, maar ze kunnen zich ook als een berg verzetten. In dat verzet schuilt heel veel potentiële energie. Hoe kan je die ten goede aanwenden? Ik deel volledig Lucia Rijkers missie en ben ook blij met dit programma. Het is een helder inkijkje in wat werkt en wat niet.

Eerlijk gezegd kan ik de jongeren van Dreamschool, die in de eerste les alweer gingen bankhangen, geen ongelijk geven. Is hun überhaupt gevraagd wat ze willen leren? Lesstof wordt jongeren sowieso alsmaar ongevraagd voorgeschoteld. Op die leeftijd krijgen ze echter steeds meer hun eigen voorkeuren en interesses, mogen die ertoe doen? Het feit dat hun niets gevraagd wordt, en ze les na les over zich heen krijgen, creëert een consumptieve en dus onverschillige houding.
Ook het begrippenkader van de lesgever sluit niet altijd aan. Als de kloof tussen wat leerlingen niet weten en wat ze aan leerstof aangeboden krijgen te groot is, wat kunnen ze dan doen? Ze kunnen aangeven dat ze het niet snappen, maar als de lesgever het jargon, of de lesstof, niet aanpast zijn ze machteloos en kunnen ze niets anders doen dan de les uitzitten. Dat is saai, plus dat ze moedeloos worden van het feit dat ze dit blijkbaar weer niet kunnen. Dat ze na de les een joint gaan roken, om het zoveelste gevoel van falen te dempen, snap ik, al denk ik met heel mijn hart: doe dat nou niet!
Dan heb ik het nog niet eens over de wijze waarop de lesstof aangeboden wordt: meestal via taal en abstracties. Iets leren via doen en beleving werkt dikwijls beter en wordt door de meeste jongeren als leuker ervaren. In Dreamschool zie je dat duidelijk bij de les fotografie, daar komen de meesten wel in beweging en ervaren ze positiviteit.

In Nederland is het VO gelukkig in beweging, scholen onderscheiden zich steeds meer in aanpak, vanuit inspiratie. Er valt dus iets te kiezen. Het blijft echter worstelen met geld- en ruimtegebrek. Helaas hanteert men ook op veel scholen nog een te massaal, klassikaal, systeem, waarin brave leerlingen het goed doen, maar waarin leerlingen zonder sterke basis verzuipen en leerlingen met een te sterke eigen wil niet passen.


Het voortgezet onderwijs heeft een enorme verantwoordelijkheid: jonge mensen in een cruciale levensfase richting geven in hun leven. Mijn wens is dat er veel meer aandacht (en geld) besteed wordt aan wat hier allemaal bij komt kijken. Dreamschool toont het belang hiervan overtuigend aan.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen